Het brein

In dit korte artikel gaat het over het menselijk brein.
Het brein is een immens belangrijk orgaan. Zonder een brein zouden wij mensen niet kunnen bewegen, niets kunnen waarnemen en niet kunnen leven. Het brein bestuurt en communiceert met alle belangrijke organen zoals hart, longen, lever, maag, darmen, nieren, klieren, huid, zintuigen en het bewegingsvermogen. Hetzelfde geldt voor organismen zoals insecten, vissen vogels en dieren.
Het menselijk brein weegt 1,4 kg en neemt 2 procent in van het lichaamsgewicht maar gebruikt 20 procent van de zuurstof en 25 % van de glucose. Hiermee gebruikt het brein van alle organen de meeste energie.
In verhouding met lichaamsgewicht hebben mensen een groter brein dan andere organismen.
Het brein is de bron van onze gedachten , emoties, zicht, gehoor, reuk, tastzin, oriëntatie, beweging, smaak, geheugen onze taal , kennis en vaardigheden en nog veel meer.

Hoe weten wij dit alles?

Hersenonderzoek

Het hersenonderzoek en daarmee de neurowetenschappen, begonnen met een onderzoek van Phineas Gage, die ernstige schade aan de prefrontale cortex opliep na een ongeval in 1848. Een explosie dreef een ijzeren staaf door Gage's schedel. Na het ongeval was Gages persoonlijkheid veranderd; hij vertoonde onaangepast en asociaal gedrag, terwijl hij voordien een verantwoordelijk, rustig en sociaal aangepast persoon was geweest. Zijn casestudy door Dr. John Martyn Harlow en Dr. Edward H. Williams wordt gezien als een mijlpaal in die zin dat het specifieke cognitieve functies correleerde met een specifiek hersengebied. Daarna hebben tienduizenden casestudy's geprobeerd specifieke hersengebieden te associëren met functies zoals motoriek, geheugen, concentratie, waarneming, emoties, psychiatrische ziektes etc..
De wetenschap over het brein, heeft sindsdien een enorme vlucht genomen. Die progressie van de medische wetenschap over het brein, heeft ook tot het besef geleid, dat het brein, net als het universum, nog een omvangrijk terra incognito is.

Wat heeft wetenschap over het brein opgeleverd?

Het brein, bron van cognitieve functies
Dankzij het vele breinonderzoek, gaat men er nu van uit, dat cognitieve functies zoals een gevoel van onrust, je emotie, je taalvermogen, kennis, geheugen, coördinatie, proprioceptie en bewegingsvermogen, je waarnemen, onderscheiden en reageren op zicht, geluid, gevoel, smaak, gedachten en geur, in de omgeving, het gevolg zijn van de integratie van verwerkingsmechanismen, verspreid over de hersenen.

Kennis over cognitieve stoornissen
Bijna zonder uitzondering correleren cognitieve stoornissen met beschadigingen in meerdere regio's in de hersenen. Dit geldt zeker voor aandoeningen zoals: ADHD, de ziekte van Alzheimer, autisme, bipolaire stoornis, parkinson, depressie en schizofrenie.
Veel voorkomende beperkingen als gevolg van hersenbeschadiging zijn onder meer stoornissen in aandacht, emotie, taal, leren, geheugen, beweging, waarneming en zintuigen.

Hoe schade aan het brein te voorkomen\
Door de kennis van de werking van het brein is het tegenwoordig mogelijk de gevolgen van beroertes, mits er snel gehandeld en behandeld wordt te beperken. Door technieken als CT- en MRI-scan is het mogelijk tumoren in het brein te lokaliseren en door de vaardigheid en kennis van neurochirurgie te verwijderen. Zuurstof en energie zijn van levensbelang voor het brein. Zuurstoftekort kan wanneer dit niet binnen korte tijd wordt opgeheven -laten we zeggen binnen of na een uur - leiden tot onherstelbare schade aan het brein en daarmee schade aan belangrijke functies De schadelijke gevolgen van zuurstoftekort in de hersenen, worden een beroerte of herseninfarct genoemd. Vaak leidt een zuurstoftekort in het brein, zelfs tot de dood. Jaarlijks overlijden er in Nederland meer dan 9.000 mensen als gevolg van een beroerte.
Herkennen van een beroerte en het noodzakelijke onmiddellijke handelen, meestal door anderen dan de persoon zelf, zijn samengevat in het acroniem FAST wat niet alleen snel betekent maar ook staat voor de woorden Face, Arms, Speech en Time, Bij iemand die een beroerte ondergaat zien wij in het gezicht een verlamming, bijvoorbeeld: een mondhoek die naar een kant hangt. Wanneer wij die persoon vragen zijn armen te spreiden, zal hem dat hoogstwaarschijnlijk niet of maar gedeeltelijk lukken. Verder kan er sprake zijn van onsamenhangend praten. Time betekent vanzelfsprekend dat je als de bliksem 112 belt. en de symptomen meldt.

De wetenschap van het brein en parkinsonpatiënten
Parkinson patiënten hebben baat bij L-Dopa L-Dopa en wanneer dit onvoldoende helpt deep brain stimulation (DBS). Bij DBS worden electroden in de hersenen ingebracht bij de subthalamische kern.De elektroden worden via een draad onder de huid geleid naar een pacemaker/neurostimulater die onder de huid bij de borstspier worden geplaatst. Het blijkt dat kleine elektrische pulsen via deze elektroden, tremors doet afnemen en het lopen en spreken doet verbeteren. Deze vorm van behandeling is goedgekeurd in meer dan 40000 keer succesvol uitgevoerd.

Nergens is de kennis van het brein echter zoveel toegepast als in de psychiatrie. Denk aan rechtstreeks ingrepen in het brein door lobotomie, elektro convulsie therapie (ECT) en psychiatrische medicatie zoals antidepressiva, kalmeringsmiddelen, slaapmiddelen en antipsychotische medicatie.

ECT terug van weg geweest
Electro convulsietherapie(ECT) wordt tegenwoordig weer veel toegepast bij depressie die onvoldoende reageert op medicatie. Bij 50% van de personen met succes.
De geschiedenis van het gebruik van elektriciteit in de geneeskunde dateert al van vlak na jaartelling toen sidderroggen tegen de handen van mensen werden gehouden met als doel hoofdpijn te verlichten.
Cerletti en Bini zijn de eerste artsen die in 1938 Elektroconvulsietherapie met succes toepasten bij een patiënt met met een psychotische stoornis. Zij waren bekend met het onderzoek van Manfred Sakel die in 1935 met insuline insulten en coma toepaste als behandeling voor schizofrenie. Ook het onderzoek van Ladislas von Meduna die kamfer en later cardiazol intramusculair injecteerde bij 26 patiënten met schizofrenie met de bedoeling insulten op te wekken en verlichting van hun symptomen. Meduna concludeerde dat de op deze manier veroorzaakte insulten inderdaad verlichting bracht van de symptomen van schizofrenie.
Deze vorm van behandeling baseerde Meduna op een overmaat aan gliacellen in het hersenweefsel van epileptische patiënten, terwijl een vermindering van gliacellen in het hersenweefsel van schizofrene patiënten was gevonden. Deze bevindingen overtuigden Meduna ervan dat er een antagonisme was tussen schizofrenie en epilepsie, en gaf aanleiding tot het idee dat inductie van epileptische aanvallen zou kunnen helpen om de symptomen van schizofrenie te verlichten.

Cerletti en Bini experimenteerden voorafgaand aan deze eerste ECT met honden en varkens en onderzochten hoe op de meest veilige manier via elektriciteit een insult kon worden opgewekt. Dit in de overtuiging dat deze methode veiliger was dan het injecteren met cardiazol. Betreffende patiënt herstelde inderdaad van zijn psychose.

Hoewel ECT nog incidenteel wordt toegepast ter behandeling van patiënten met een psychotische stoornis, wordt ECT tegenwoordig voornamelijk onder narcose toegepast bij patiënten met depressieve stoornis die niet of onvoldoende, reageren op antidepressieve medicatie.

Depressie en DBS(Deep Brain stimulation)

Depressie is een ziekte die wereldwijd voorkomt. Een depressie heeft slopende effecten op het leven van een patiënt. Veel voorkomende behandelingen zijn farmacotherapie, psychotherapie en elektroconvulsietherapie. ongeveer 66 % van de patiënten reageren niet op deze behandelingen; Dit heeft geleid tot het onderzoek naar alternatieve therapeutische middelen.

Sinds de jaren dertig van afgelopen eeuw gebruikten artsen elektroden om de functie van verschillende gebieden in de hersenen te onderzoeken. Bijvoorbeeld gebieden die verband houden met epilepsie, Dit met als doel de opzettelijke, precieze vernietiging van bepaalde gebieden in de hersenen waarvan wordt gedacht dat ze niet goed werken. Patiënten werden wakker gehouden terwijl de chirurg (Wilder Penfield 1936) verschillende delen van hun hersenschors stimuleerde met een elektrische sonde. Door de reactie van de patiënt bij het stimuleren van verschillende regio's op te merken, hoopte Penfield het specifieke gebied dat betrokken was bij de aanvallen van de patiënt te lokaliseren en vervolgens te vernietigen (Penfield, 1936).

In 1947 werd een stereotactische apparaat ontwikkeld waarmee artsen deze techniek konden gebruiken om gebieden dieper in de hersenen te verkennen. Het zorgde voor de opkomst van een nieuw neurochirurgisch specialisme, stereotactische neurochirurgie, waarbinnen de vaardigheden, apparatuur en kennis werden ontwikkeld die later zouden worden ontwikkeld.
Deep Brain Stimulation (DBS) is een van deze middelen Hoewel DBS nog steeds een opkomende behandeling is, zijn werkzaamheid en veiligheid aangetoond bij patiënten met therapieresistente depressie (TRD). Het gaat hier om patiënten met depressie met daarbij symptomen zoals: slapeloosheid, een gebrek aan emotie, vreugdeloosheid, slechte concentratie, een afname van energie, interesse, langzamere motoriek, en belangrijke afname in sociaal contact en niet meer in staat plannen te maken.
De eerste plaats in de hersenen, die geschikt werd geacht voor DBS bij deze therapie resistente depressie was: de witte stof van subcallosale gyrus cingulate (SCC) ook wel Cg25 of Brodmann 's gebied genoemd.
4 van 6 patiënten herstelden na drie maanden nagenoeg volledig van hun depressie(Sibylle Delaloye, Paul E. Holtzheimer, 2014)Na uit breiding van deze studie herstelden 12 van de 20 patiënten, waarvan de helft meerdere jaren volledig.
Een recenter Deep Brain Stimulation-doel in de hersenen, voor Therapie Resistente Depressie, is de mediale voor hersen bundel (MFB), die stijgende en dalende witte stofvezels omvat die het ventrale tegmentale gebied verbinden met de nucleus accumbens. Ook hier bij bij zes van de zeven TRD-patiënten volledig herstel, waarbij de voordelen gedurende ten minste 12 tot 33 weken aanhielden. Zonder noemenswaardige bijwerkingen . Wel werd bij alle patiënten veranderingen in het de oogbewegingen waargenomen, wanneer op een bepaalde frequentie gestimuleerd werd.
In Amsterdam UMC (locatie AMC) en het ETZ wordt gewerkt aan een onderzoek naar de behandeling van patiënten met ctherapie resistente depressies. De DBS vindt plaats in de mediale voorhersenbundel.Deze behandeling wordt in Nederland alleen toegepast in het AMC en ETZ. Bij 16 van de 25 met DBS behandelde patiënten met een therapie resistente depressie was de behandeling tot nu toe succesvol 9 patiënten hadden geen baat bij de behandeling.

Maar laten wij het nu hebben over hoe het brein er uitziet en hoe het brein werkt.

Neurotransmitters en psychiatrische medicatie

De ontdekking en de toegenomen kennis over de functie van de neurotransmitters heeft geleid tot de ontwikkeling van medicijnen zoals kalmeringsmiddelen, antidepressiva, en antipsychotica. Middelen die tegenwoordig wereldwijd door artsen op grote schaal voorgeschreven worden.
In een vakgebied zoals de psychiatrie heeft dat geleid tot een enorme verbetering in de behandeling van patiënten.
Door het enthousiasme van de artsen die deze medicijnen met kwistige hand voorschreven aan patiënten is brede ervaring opgedaan met de effecten van deze medicatie en met name de nadelige bijwerkingen.
Hieronder worden kort werking en bijwerkingen van deze middelen beschreven. Hierbij beperken we ons tot een doelgroep: patiënten met een psychotische stoornis, of zoals wij tegenwoordig in de media horen; personen met verward gedrag of personen met onbegrepen gedrag.

De ervaring met de effecten van antipsychotische medicatie:
De ervaring die met de effecten van antipsychotische medicatie is opgedaan dat patiënten met een psychose belangrijk minder onrustig werden en minder hallucinaties vertoonden Ze hoefden niet meer in een dwangbuis, koudwaterbaden, lobotomie, en elektroshock werden afgeschaft. De conclusie moet echter zijn dat patiënten levenslang afhankelijk zijn van deze antipsychotica en niet genezen.

De ervaring met de bijwerkingen van antipsychotische medicatie:
Door het aanvankelijk te kwistige voorschrijven van artsen, bleken patiënten enorme hinder te ondervinden met de bijwerkingen. Bijwerkingen zoals spierstijfheid, blikkramp, kwijlen, obstipatie, emotionele afstomping en zich door de dag tot niets in staat weten bleken veelvoorkomend. Je kunt zeggen geen enkele patiënt was van deze ernstig bijwerkingen gevrijwaard.
Niet getreurd; De farmaceuten ontwikkelden door hun nieuw opgedane kennis over transmitters medicatie die genoemde bijwerking zouden moeten opheffen. Deze middelen konden inderdaad de spierstijfheid, blikkramp en kwijlen verminderen maar veroorzaakte door hun bijwerkingen bij patiënten, een droge mond, misselijkheid, slaperigheid, verwardheid, nervositeit, angstgevoelens, prikkelbaarheid, opwinding, waanvoorstellingen (hallucinaties) of geheugen- en concentratiestoornissen.
Gelukkig waren deze bijwerkingen er niet bij elke patiënt in even ernstige mate. maar de conclusie moet toch luiden dat ook hier alle patiënten ernstige hinder en ongemak ondervonden van deze bijwerkingen.
Aanvankelijk werd door de artsen op de toegenomen verwardheid, prikkelbaarheid en en opwinding gereageerd met het verhogen van de antipsychotische medicatie want die bleek immers effectief tegen deze symptomen.
Wellicht begrijpt u het beter en sneller als in de medische wereld waar men er vele jaren over gedaan heeft om tot het besef te komen dat, deze manier van medicatie voorschrijven niet leidt tot verbetering voor de patiënt maar tot een vicieuze cirkel waarin de patiënt steeds meer de vernieling in geholpen wordt.
Oh ik vergeet nog de antidepressiva en de kalmerings- en slaapmiddelen te noemen die patiënten met een psychotische stoornis veelvuldig kregen voorgeschreven. Kalmeringsmiddelen vanwege prikkelbaarheid, nervositeit en opwinding. Slaapmedicatie omdat patiënten met een psychotische stoornis ondanks maar misschien wel door de dempende werking van de antipsychotica, overdag tot weinig of niets komen en geen energie gebruiken en antidepressiva omdat een leven met een psychose en een kruiwagen aan medicatie je niet tot een vrolijker persoon maken.
laten we het maar niet hebben over de bijwerkingen van antidepressiva en benzodiazepines.

Door al deze negatieve feiten over wat we onder de verzamelnaam psychiatrische medicatie scharen, kan men terecht de vraag stellen: Is dit middel niet erger dan de kwaal?
Een andere vraag die opkomt is: weten wij voldoende over het brein met zijn vele neuronen, elektrische signalen en neurotransmitters om medicijnen te vervaardigen die echt een positieve invloed hebben op het brein?

Op de eerste vraag kan geantwoord worden dat psychiatrische medicatie echt werkt maar om daadwerkelijk ondersteunend te zijn voor de patiënt moet er met uiterste voorzichtigheid en met maximale communicatie en overeenstemming tussen arts en patiënt mee omgesprongen worden. Dat is een tijdrovende opdracht voor de immer drukke artsen die gewend zijn aan snel beslissen en handelen. Echter gezien de noodzaak en het belang voor de patiënt is dit de enige manier om te voorkomen dat patiënten door deze medicatie jarenlang vergiftigd worden.
Wat is er mooier dan bewerkstelligen dat een patiënt het maximale voordeel haalt uit de behandeling van de arts en de voorgeschreven medicatie.

Schade aan het brein kan voorkomen en hersteld worden

Het is mogelijk voor de hersenen om beschadigingen te repareren of om het functieverlies in bepaalde structuren te compenseren. Recent onderzoek toont aan dat fysieke activiteit en beweging niet alleen het lichaam ten goede komen, maar ook de hersenfunctie verbeteren. Beweging voorziet hersencellen van doorbloeding en dus zuurstof. Beweging bevordert de aanmaak van nieuwe hersencellen en helpt bij het aanmaken van nieuwe synapsen.
Erik Scherder(2021 hoogleraar neuropsychologie en bewegingswetenschappen stelt dat niet bewegen door overdag vele uren te zitten net als roken schadelijk is voor het brein en lichaam en de kans op ziekte en overlijden verhoogt.
Bewegen houdt het brein fit aldus Scherder. Hij pleit ervoor dat mensen met een zittend beroep. hun zitten regelmatig onderbreken door tijdens de werkzaamheden te gaan staan. Bijvoorbeeld tijdens het bellen. een bureau waarachter je kunt staan, geeft die mogelijkheid.

het brein bestaat uit een weefsel van zenuwcellen(neuronen)

Dankzij de wetenschap weten wij dat een brein bestaat uit een weefsel van vele zenuwcellen die zich bevinden in ons hoofd of de kop van een organisme. Het brein integreert de informatie van de zintuigen en stuurt motorische reacties aan en is een leercentrum. Bij mensen zijn de grote hersenen (cortex) over de rest van de hersenen gegroeid en vormen een ingewikkelde (gerimpelde) laag grijze stof.
Kleine zoogdieren (bijv. Kleine miereneter, zijdeaap) hebben over het algemeen gladde hersenen en wij mensen en grote zoogdieren (bijv. walvis, olifant, dolfijn) hebben over het algemeen zeer ingewikkelde hersenen. Een groot deel van de cortex - de zogenaamde associatiecortex - is waarschijnlijk betrokken bij hogere mentale activiteiten.

neuron


Niet zomaar wat neuronen maar miljarden. Neurologen en hersenonderzoekers schatten het aantal neuronen in het menselijk brein tussen de 85 miljard en 100 miljard. Op een paar miljard meer of minder maken wij ons niet druk. Echter niettemin een onvoorstelbaar hoog aantal. Het is nog veel en veel duizelingwekkender, wanneer je beseft dat dit, slechts met speciale microscopen, gedeeltelijk waarneembare neuron zelf, een nog grotendeels onbegrepen orgaantje is, dat in staat is, niet zomaar wat, maar super veelvuldige beslissingen, te nemen in communicatie met andere neuronen.
Dat voortdurend wederkerig communiceren met andere neuronen gebeurt bij elk neuron via 7000 dendrieten ofwel aftakkingen van de neuronen. Aan elke dendriet bevinden zich synapsen die chemische overdrachtsstoffen en elektrische signalen uitwisselen met synapsen van andere neuronen.

Neurotransmitters
De chemische overdrachtstoffen worden neurotransmitters genoemd..
Nadat Otto Loew in 1921 de eerste neurotransmitter ontdekte, die wij tegenwoordig acetylcholine noemen, zijn er al meer dan honderd verschillende neurotransmitters ontdekt. Hierbij moet aangetekend worden dat het functioneren van deze neurotransmitters nog een onuitputtelijke bron van onderzoek is en dat nog lang niet alle chemische overdrachtstoffen zijn ontdekt
Iedereen heeft wel eens van van de neurotransmitter adrenaline en gehoord.In een staat van opwindeing en schrik, is de zegswijze dat wij vol adrenaline zitten veelgehoord.
Een ander voorbeeld is dat over de neurotransmitters serotonine en dopamine, wordt vermoedt dat zij een rol spelen tijdens de ontwikkeling van het zenuwstelsel. Serotonine werkt in de vorming van nieuwe neuronen en gespecialiseerde neuronen in het brein en reguleert het wederkerig reageren en inhiberen van de synapsen.

De elektrische signalen
Over de elektrische signalen in en tussen de neuronen wordt gezegd dat zij het produceren en overdragen van chemische overdrachtsstoffen triggeren. Dat klinkt allemaal volstrekt plausibel. Wat weten wij echter over de variatie in timing, magnitude en frequentie van die elektrische signalen en wat weten wij over de wisselende hoeveelheden en variatie in de samenstelling van de chemische overdrachtstoffen (transmitters) en wat de precieze reactie is van de synapsen van andere neuronen? Inderdaad wij weten al complete bibliotheken vol maar het is nog maar een druppel van de oceaan aan nog te ontdekken kennis.

De neuronen en de zintuigen
Het voortdurende proces tussen de neuronen is een gevolg van en ligt ten grondslag aan elementaire zintuiglijke functies, zien horen, voelen, proprioceptie, ruiken en proeven en is van cruciaal belang is voor leren, geheugen en gedachtevorming en andere cognitieve activiteiten.

In zekere zin, creeëren de neuronen van de zintuigen in samenwerking met de neuronen van het brein, een besef van wat er in het verleden is gebeurd, vertaald in een selectie (noem het clichés of memen)van de vele herinneringen en de essentie, van wat de persoon wil, verwacht en hoopt, wat er in de toekomst moet of kan gebeuren.

Het brein is verdeeld in een aantal substructuren waaronder:

De amygdala (amandelvormige kern), is betrokken bij emoties, zoals angst en plezier. met namen bij het herkennen en beseffen van angst

De basale ganglia, is betrokken voor motorische controle en cognitieve emoties.

Het gebied van Broca, is belangrijk voor spraakproductie.

Wernicke's gebied, is betrokken bij het begrijpen van gesproken en geschreven taal. Het bevindt zich in de temporale kwab van de hersenen, meestal aan de linkerzijde, Schade aan dit gebied kan leiden tot Wernicke-afasie, een aandoening waarbij patiënten moeite hebben met het begrijpen van taal en vaak zinloze of onsamenhangende zinnen produceren. Dit gebied werkt nauw samen met het gebied van Broca, dat verantwoordelijk is voor de productie van taal, om effectieve communicatie mogelijk te maken.

De kleine hersenen, regelen evenwicht en coördinatie.

De cortex cingulate, is betrokken bij emoties en gedrag.

Het corpus callosum, verbindt de twee hersenhelften en faciliteert communicatie ertussen.

De gyrus dentatus, maakt die deel uit van het hippocampale systeem en speelt een rol in het bij de vorming van nieuwe herinneringen. Daarnaast is de gyrus dentatus betrokken bij ruimtelijke oriëntatie en navigatie. De gyrus dentatusw werkt samen met andere delen van het limbisch systeem en reguleert cognitieve functies en emotionele reacties.

De entorhinale cortex, speelt een rol bij het koppelen van geuren aan herinneringen en emoties en het ophalen van herinneringen. Ook speelt de entorhinale cortex een rol bij het oriënteren en navigeren in de omgeving. Daarnaast is het een doorgeefluik voor het doorgeven van informatie tussen verschillende hersengebieden.

De frontaal kwab, is verantwoordelijk voor denken, plannen, probleemoplossing, besluitvorming, regulering gedrag, emotie, verwerking taal spraakproductie, sociale interactie en de controle van vrijwillige bewegingen.

De hippocampus, ia essentieel voor geheugen en leren.

Het subiculum helpt bij het vormen en ophalen van herinneringen, het oriëntatievermogen en fungeert als een doorgeefluik informatie tussen de hippocampus en andere hersengebieden.

De gyrus temporalis inferior, helpt bij het verwerken van geluidsinformatie, met name spraak en muziek, is betrokken bij het herkennen van complexe visuele patronen zoals gezichten en draagt bij aan het begrijpen van taal en semantiek.

Het limbisch systeem,is een overkoepelende hersenstructuur waarvan de hippocampus, hypothalamus en gyrus cingulate deel uitmaken. Het limbisch systeem is betrokken bij emoties, motivatie geuit in gedrag, het lange termijn geheugen en reuk

Het ruggenmerg, speelt een sleutelrol in het doorgeven van informatie van en naar de hersenen.

De gyrus temporalis medium, helpt bij het verwerken van geluidsinformatie en is betrokken bij het herkennen van gesproken taal, kan betrokken zijn bij het opslaan en ophalen van herinneringen, vooral die gerelateerd zijnaan geluiden en muziek en kan bijdragen aan het begrijpen en interpreteren van emoties en sociale signalen.

De occipitale kwab, (achterhoofdskwab) verwerkt en analyseert zicht: afstanden, vormen, kleuren en bewegingen en stuurt dit door naar de cortex(hersenschors).

pariëtale kwab, integreert zintuiglijke informatie, zoals aanraking, smaak en temperatuur. deze kwab helpt ons om ons bewust te zijn van onze omgeving en onszelf. Verder helpt deze ons bij het begrijpen van de relatieve posities van objecten in de ruimte om ons heen, waardoor wij ons kunnen oriënteren en navigeren door bewegingen in te schatten, en uit te voeren.

De perirhinale cortex, (ofwel de rond de neus gesitueerde hersenschors) is betrokken bij zowel visuele perceptie als geheugen.
Schade aan de perirhinale cortex kan leiden tot problemen bij het onderscheiden van objecten die op elkaar lijken zoals tussen een föhn en een pistool.

De prefrontale cortex, is betrokken bij verbeelding, zich een voorstelling maken, gevoelens inschatten, het zich voornemen van handelingen en besluiten hoe en overgaan tot handelen in relatie tot anderen.

De premotorische cortex, is een deel van de frontale kwab, dat voor planning en leren van bewegingen zorgt en bewuste controle en coördinatie van bewegingen mogelijk maakt

primaire motorische cortex, (of primaire sensorische cortex) heeft drie fucties:1. lichaamsbewustzijn. 2. is een van de delen van de cortex die lopen, bewegen en bijvoorbeeld schrijven aansturen3.komt met reactie op signalen van de zintuigen. de interpretatie van signalen van de zintuigen.

De somatosensorische cortex, (of somatosensibele hersenschors) ontvangt tactiele en proprioceptieve informatie van de ledematen en het anterolaterale systeem dat pijn- en temperatuurgewaarwordingen.

De gyrus temporalis superior, (bovenste slaapwinding) maakt het mogelijk objecten, personen, dieren en te herkennen en te benoemen.

De temporale kwab (slaap kwab) helpt bij het verwerken van auditieve informatie en speelt een rol bij het begrijpen van spraak en geluiden, onthouden auditieve herinneringen enhet begrijpen van emoties en sociale signalen.

De ventrikels, zijn met elkaar in verbinding staande holtes in de hersenen. De ventrikels produceren en zijn gevuld met cerebrospinale vloeistof (CSF cerebro spinal fluid) De CSF beschermt de hersenen en het ruggenmerg tegen schokken, voorziet de hersemen van voedingsstoffen en verwijdert afvalstoffen.

De achterhersenen bestaan uit de medulla oblongata en de pons.

De medulla oblongata (verlengde merg) zendt signalen uit tussen het ruggenmerg en de hogere delen van de hersenen; Het regelt ook autonome functies zoals hartslag en ademhaling.

De pons,(brug van Varol) die een verbinding vormt tussen het ruggenmerg, cerebrum(grote hersenen) en het cerebellum(kleine hersenen),vertaalt en reguleert signalen die verband houden met smaakperceptie. De pons reguleert daarnaast ademhalingsritmes, balans en houding

De middenhersenen, dienen voornamelijk als verbindingsschakel tussen de achterhersenen en de voorhersenen.

Het cerebellum, verbonden met de medulla, pons en middenhersenen door grote bundels vezels is relatief groot bij mensen en regelt het evenwicht en de coördinatie door soepele, gecoördineerde bewegingen van spiergroepen te produceren.

De voorhersenen, omvatten de hersenhelften en daaronder de hersenstam, die de thalamus en hypothalamus bevat. De thalamus is het belangrijkste relaiscentrum tussen de medulla en de grote hersenen; De hypothalamus is een belangrijk controlecentrum voor zin in die worden opgeslagen in en afgegeven door de achterste hypofyse.

De hersenstam, is betrokken voor motorische controle en cognitieve emoties.

thalamus, fungeert als het belangrijkste relaiscentrum voor sensorische informatie.

De hypothalamus, reguleert honger, dorst en de lichaamstemperatuur. seks, plezier, pijn, bloeddruk, en andere orgaan functies. De hypothalamus produceert hormonen die de afscheidingen van de hypofysevoorkwab regelen, en het produceert ook oxytocine en antidiuretisch hormoon.

De grote hersenen, die oorspronkelijk functioneerden als onderdeel van de reukkwabben, zijn betrokken bij de meer complexe functies van het menselijk brein.

De longitudinale hersenspleet scheidt de hersenhelften door een diepe groef. Aan de basis van deze spleet ligt een dikke bundel zenuwvezels, het corpus callosum, die zorgt voor een communicatieverbinding tussen de hersenhelften.

De linker- en rechterhelft hersenhelft van het brein bestuurt de rechterhelft van het lichaam en vice versa vanwege een kruising van de zenuwvezels in de medulla of, minder gebruikelijk, in het ruggenmerg. De rechterhelft van het brein bestuurt de linkerkant van het lichaam en vice versa,

Hoewel de rechter- en linkerhersenhelft in veel opzichten spiegelbeelden van elkaar zijn, zijn er belangrijke functionele verschillen. Bij de meeste mensen bevinden de gebieden die spraak regelen zich bijvoorbeeld in de linkerhersenhelft, terwijl gebieden die de ruimtelijke waarnemingen regelen zich in de rechterhersenhelft bevinden.

De centrale sulcus verdelen elke hersenhelft in vier secties: de frontale, pariëtale, temporale en occipitale kwabben. De centrale sulcus, ook bekend als de spleet van Rolando, scheidt ook het corticale motorische gebied (dat zich vóór de spleet bevindt) van het corticale sensorische gebied (dat zich achter de spleet bevindt). Beginnend vanaf de bovenkant van het halfrond, besturen de bovenste delen van de motorische en sensorische gebieden de onderste delen van het lichaam, en de onderste delen van de motorische en sensorische gebieden beheersen de bovenste delen van het lichaam.
Andere functionele gebieden van de hersenhelften zijn de visuele cortex in de occipitale kwab en de auditieve cortex in de temporale kwab.

Het topje van de ijsberg

De kennis, met name de medische kennis over het brein, mag dan omvangrijk zijn maar is niet meer dan het bovenste topje van een enorme onbekende ijsberg. Ik verwijs slechts naar de onbegrijpelijke complexiteit van een enkel neuron en de nog vele keren complexere samenwerking met de andere 999.999.999999 andere neuronen. Dat gezegd hebbende is de medische kennis over het brein zo klein, dat invasieve behandelingen met medicatie en neurochirurgie met uiterste omzichtigheid, uitgevoerd dienen te worden, misschien zelfs te worden ontraden.

Patiënten met ernstige brein aandoeningen zoeken wanhopig hulp. Dat is te begrijpen. Echter zowel arts als patient dienen zich te realiseren dat de resultaten van de huidige behandelingen zowel positieve als negatieve werkingen hebben. Soms zelfs overwegend negatieve werking.
Met dit in gedachten dienen arts en patiënt zich te realiseren dat een voortdurende zorgvuldige wederzijdse samenwerking van het grootste belang is.

Literatuur:

Norman Endler, the origins of Electroconvulsive Therapy (ECT), The Journal of ECT. 1988.
Sibylle Delaloye, Paul E. Holtzheimer. Deep brain stimulation in the treatment of depression, Dialogues Clin Neuroscience. 2014 Mar; 16(1): 83–91.
John M. Harlow. 1868. Recovery from the passage of an iron bar through the head. Volume 4, Issue 14 Massachusetts Medical Society. 327-347.

Websites

Maria Fiorella Contarino, MD, PhD, Johan Marinus, PhD, and Jacobus J. van Hilten, MD, PhD. Does Deep Brain Stimulation of the Subthalamic Nucleus Prolong Survival in Parkinson’s Disease, Viewpoint, 2017